header

Tranen

12 maart 2012

Andries uit groep 2 staat ontroostbaar bij de buitendeur. Dikke tranen biggelen over zijn wangen. Ik vraag me af of hij door zijn tranen de wereld nog wel kan zien.
Eerder vandaag was hij nog vrolijk. Toen mocht hij iets in de supermarkt in het speellokaal kopen. Ik had verschillende (lege) verpakkingen neergezet. Andries mocht als eerste kiezen en liep meteen op de doos af waarin chocoladekoekjes hadden gezeten.

'Waarom wil je dit kopen?', vroeg ik hem in een poging om een gesprek te beginnen.

'Om toch', was zijn antwoord.

Een subdoel van deze les was om hele mooie antwoorden te krijgen. Andries' antwoord zorgde er nog niet voor dat ik het doel haalde. Ik besefte wel dat ik niet met een waarom-vraag had moeten beginnen.

'Vind je deze lekker?'
Op het moment dat ik de vraag stelde wist ik het antwoord al.

'Ja.'
Ik besefte dat ik ook geen gesloten vraag had moeten stellen. Andries wist niets van dat alles. Hij ging zitten met de doos chocoladekoekjes die hij bij mij had gekocht.
 
Een heel verschil met hoe hij er nu bij staat, huilend en ontroostbaar.

Jeanet, zijn zus uit groep vijf, staat er verloren bij.

'Hij wil zijn jas niet aan doen', zegt ze.

'Kom op Andries. Het is nog te koud buiten. Doe snel je jas aan', probeer ik.

'Hij wil ook niet met mij mee naar huis', zegt Jeanet. 'Hij wil op mama wachten maar ik moest hem mee nemen.'

Ik ga door mijn knieën. Hevig snikkend komt Andries bij me staan. Dan kijk ik in zijn ogen.

'Droog je tranen maar Andries. Ik doe je jas wel aan en dan ga je met Jeanet mee naar huis.'

'Ik kan mijn tranen niet weg doen.'

'Waarom dan niet?', vraag ik verbaasd. Ik ben bang dat hij 'om toch niet' zal zeggen.
Dat blijkt niet zo te zijn.

'Dat doet mijn mama altijd. Die kan dat heel goed', snikt hij.

Ik zucht. Tegen mama's kan ik nooit op. Toch droog ik Andries' gezicht zo goed mogelijk. Hij kijkt minder verdrietig. Ik help hem in zijn jas en wuif hem uit.

'Tot morgen Andries.'

Andries zegt niets. Hij steekt even zijn hand op. Dan loopt aan de hand van zijn grote zus naar huis. Hij gaat op weg naar zijn moeder die als allerbeste van de hele wereld zijn tranen weg kan troosten. 

 

Jelte van der Kooi is schrijver, trainer en coach.  Hij schrijft deze stukjes omdat hij wil laten zien hoe geweldig het vak van leerkracht en directeur is.

« Terug naar column overzicht